Dag Mama, Schrijfsels

10. Leegte

Het leek wel niet echt, een scene uit een film. De grijze auto die voor de deur stopte met die twee vlaggetjes voorop. In de auto zaten twee mannen van middelbare leeftijd, nette mannen. Mannen in pak. Ze stapten uit en liepen naar de voordeur. Ik liep aan de andere kant van het raam ook naar de voordeur en deed al open voordat ze aan konden bellen.

We liepen de woonkamer in.. naar het bed voor het raam.. het bed waarin mama lag.

Mijn lief en een vriendin waren ook in de kamer aanwezig maar ik kan niet zo goed meer plaatsen waar ze nou precies waren. Mijn focus lag volledig op mama. Verslagen zaten paps en ik op de bank, strak tegen elkaar aan, onze handen ineen. Door mijn stroom van tranen heen volgde ik nauwlettend elke beweging van deze mannen.

Een klein gebaar

Het was duidelijk dat deze mannen dit niet voor het eerst deden maar alles wat ze deden deden ze rustig en respectvol.

Ze schoven mama van haar bed op de brancard. Ze werd er netjes bij gelegd, handen op haar buik, en vast gesnoerd. Er ging een spierwit laken over haar heen. Ze begonnen bij haar voeten en als laatste werd haar hoofd bedekt. Over het laken ging nog een donkerblauwe hoes. Daarna legde 1 van de mannen de deken op het bed netjes en uit de bossen bloemen die in de woonkamer stonden pakte hij een roos en legde deze op het bed. Een klein gebaar maar het raakte me diep.

Omdat ze met de brancard in de gang de draai naar buiten niet konden maken moest de brancard verticaal. De mannen gaven aan dat dit niet zo’n fijn gezicht was en adviseerden dit achter een gesloten deur te doen. Toen mama eenmaal buiten was kwamen wij ook naar buiten.

Mama werd in de auto geschoven, paps en ik deden samen de deur dicht. 1 van de mannen stapte in.. de andere liep naar de voorkant van de auto. Na een diepe buiging draaide de man om en begon te lopen richting het einde van de straat.. achter hem aan de auto met mama er in…

Altijd thuis

Mijn moeder was een thuismoeder. Niet dat ze elke middag met een kopje thee en een koekje zat te wachten, nee ze zat steevast op zolder achter haar naaimachine, maar ze was wel thuis als ik thuis kwam uit school. Al-tijd.

Vanaf de allereerste seconde dat ik blerend ter wereld kwam was ze er. Gedragen onder haar hart en geboren uit haar lijf. We hebben het niet altijd makkelijk gehad samen, mam en ik. Waar zij de rust zelve was, alles altijd onder controle had en haar emoties liever voor zichzelf hield was (ben) ik een emotioneel chaotisch explosiegevaar.
Ze wist niet altijd wat ze er mee aan moest, zo’n temperamentvol kind. Er zijn wel eens flinke botsingen geweest. Maar ze hield van me, en ik van haar.

Ze trooste me bij verdriet, kookte speciaal voor mij woppers* met rijst, betaalde mijn vliegticket toen deze Au pair in America iets eerder dan gepland naar huis wilde en naaide speciaal voor de bonte avond de door mij zo gewenste Whitney Houston jurk.
Toen ik met mijn allereerste autootje bij de garage weg reed zat ze naast me, ze kocht ‘groene snoepjes’ als ik verkouden was en knutselde de meest mooie surprises in elkaar waar ik dan op school de show mee mocht stelen. Ze was belangrijk in mijn leven.

De straat uit

En nu lag ze onder een wit laken in een grijze auto voorzien van rouwvlaggetjes. In een auto met twee vreemde nette mannen.
Ze was alleen. Zonder pap, zonder mij.
Wij bleven achter in de straat voor het huis.. het huis waar ze nooit meer naar terug zal keren.
Aan het einde van de straat stopte de auto. De man die voorop liep stapte aan de bijrijders kant in. De auto reed de hoek om en wij liepen weer naar binnen. Nooit eerder heeft het huis zo leeg aangevoeld.

Alles was nog zoals het was maar het zal nooit meer zijn zoals het hoort.

*Woppers, oftewel worteltjes en doperwtjes. Ik lustte niet veel anders als kind. Inmiddels lust ik zo’n beetje alles behalve woppers! ;)